Uitgelicht: Oswin Ipcedencia (DRGS)

Uitgelicht: Oswin Ipcedencia (DRGS)

SCHIEDAM – Voetbalvereniging DRGS is niet meer. Tijdens de laatste algehele ledenvergadering werd vorige week unaniem besloten om de stekker eruit te trekken . Financiële verplichtingen konden niet meer worden nagekomen. Hierdoor verdwijnt  er weer hoofdstuk uit de roemruchte Schiedamse voetbalgeschiedenis.

door: Mischa Keemink

Dat het afscheid van het amateurvoetbal nog zolang is uitgesteld  is vooral te danken aan een groot doorzettingsvermogen en vooral  privégelden van een paar  echte clubmensen.  Een van die clubmensen is de 50-jarige Oswin Ipcedencia,  hij verlaat DRGS met opgeheven hoofd. De geboren Curaçaoënaar is de afgelopen tien jaar het gezicht geweest van de gewezen fusieclub. Met zijn opmerkelijke verschijning,  imposant boxers lijf meestal voorzien van sigaar en zijn geweldige gedrevenheid,  is Ipcedencia  een cultfiguur in de Schiedamse amateurvoetbalwereld.

De voormalig professionele bokser ontwikkelde een ijzersterke mentaliteit in de ring.  Diezelfde gedrevenheid die hij wil overbrengen op zijn pupillen, maakte hem in 1995 kampioen van de BeNeLux. Ipcedencia is gewend om voor zichzelf op te komen en te vechten voor zijn plaats, een opmerkelijke vergelijking met DRGS is snel gemaakt. De club is in de jaren,  mede door  fusies,  vele hoeken van Schiedam door gereisd  met nu als laatste rustplaats  sportpark Thurlede. Ipcedencia kwam zo’n zestien jaar geleden als een toevalligheid in contact met DRGS:  “Mijn zoon wilde op voetbal en via via kwam ik bij DRGS terecht,  ik begon met trainen van de jeugd en van het een kwam het ander, voor ik het wist was ik hoofdtrainer.”

Het hoofdtrainerschap kwam Ipcedencia noodgedwongen aanwaaien:  “Zo’n tien jaar geleden was het al vijf voor twaalf voor DRGS. De zondagtak van DRGS was noodgedwongen opgeheven omdat bijna alle spelers wegliepen en de toenmalige zaterdagtak liep ook op zijn laatste benen.”  De club was toen al rijp voor een faillissement:  “Mijn vrouw Renate en ik stonden er letterlijk alleen voor, met een persoonlijke financiële injectie zorgden wij ervoor dat we als club de financiële afspraken met de gemeente konden nakomen.” Daarna is ook Henk Ossewaarde in het bestuur gekomen als voorzitter en heeft er tot aan zijn pensioen (vorig jaar) ook veel aan gedaan om de club op de rit te houden.

Het eerste elftal, ooit gekenmerkt door arbeiders van het oud Schiedamse havenbedrijf Gusto, maakte onder Ipcedencia een ware metamorfose door. Het elftal transformeerde tot een smeltkroes van vele  nationaliteiten. Spelers met veelal een Kaapverdiaanse, Marokkaanse of Antilliaanse achtergrond, met als kenmerk:  technisch begaafd/speciale handleiding. Het was Ipcedencia die deze individuen als  geen ander kon samensmelten tot een hechte eenheid. Hij diende zowel binnen als buiten het veld als een ware vader voor zijn pupillen. “Voetbal is zoveel meer dan het spelletje op het veld. Die jongens die bij mij kwamen waren veelal jongens met een verhaal. Ik fungeerde, buiten dat ik hun trainer was, ook als vertrouwens persoon. Soms betaalde ik de schoolboeken, een jongen die beide ouders verloor steunde ik waar ik kon, anderen stond ik bij met raad en daad. Samen met Henk Ossewaarde (vorig jaar gestopt ), Renate Ossewaarde, Otto Jung en Ronald de Wijk hebben we er de laatste jaren alles aan gedaan om de club te behouden. In m11ijn vrije tijd was ik bijna altijd op de club, er was ook een werkploeg bestaande uit wat oudere mannen die het onderhoud deden.  Op een gegeven moment gaat het financieel weer slechter en betaal je maar weer een paar rekeningen uit eigen zak, de huur moest toch betaald worden. Dit ging een paar jaar zo door totdat je beseft dat er geen eind aan komt en dat de problemen structureel  zijn. Dat is het moment dat je je moet afvragen of de club op deze manier nog wal bestaansrecht heeft.”

De beslissing om de knoop door te hakken en met een club te stoppen die al meer dan 80 jaar oud is, is emotioneel en voor veel clubmensen een zware dobber: “Op de ledenvergadering zijn nadat de laatste hamerslag van de vergadering had geklonken, wel wat traantjes weggepinkt. Ook bij spelers van het eerste elftal  die samen na de promotie van verleden jaar  bezig waren om iets moois neer te zetten in de derde klasse.” Afgelopen vrijdag kwamen  de leden, waaronder de selectiespelers,  bijeen om over het faillissement te praten en steun te zoeken bij elkaar. De KNVB regelementen schrijven voor dat bij een faillissement de teams van de getroffen vereniging tussentijds over mogen stappen naar een andere vereniging en daarbij onder de naam van hun nieuwe club verder mogen spelen in hun huidige competitie. De vraag is nu ook waar komen de teams en dan met name het eerste elftal terecht? “Er is een heel elftal naar de zondag afdeling van VV Kethel-Spaland verhuisd. De spelers van het eerste elftal zullen veelal uitwaaieren over de andere (Schiedamse) elftallen, er zijn er al een hoop benaderd. We hebben het er nog over gehad om als compleet eerste elftal over te stappen naar een vereniging die geen zondag afdeling heeft. We hebben lang getwijfeld maar we hebben toch besloten om het niet te doen. We hebben met elkaar een paar geweldige jaren meegemaakt, het was een mooie rit en daar is nu een einde aan gekomen. Als we later terugkijken zullen we alleen de goede dingen herinneren.”

Op de vraag of we Ipcedencia ooit nog terugzien op de schiedamse velden: “Voetbal  is mijn leven en het verenigingsleven zit in mijn hart, zoals gezegd voetbal is zoveel meer als op dat groene veld. De voetbalverenigingen zijn de buurthuizen van de toekomst en ik hoor daar thuis !”