Kuipbewoner: Arie Romijn

Kuipbewoner: Arie Romijn

ROTTERDAM – De bonkige en gedreven spits van weleer was van 1978 tot 1980 in dienst van Feyenoord. Arie Romijn (55) kwam alleen maar tot één optreden in de Rotterdamse hoofdmacht. Waar ging het mis? Heeft hij ergens spijt van? Ik zocht de openhartige en gezellige oud-Feyenoorder op in zijn woonplaats Gorkum. Vanaf minuut één waren we al aan het praten over voetbal. De inmiddels succesvolle ondernemer legt uit waar het mis ging bij Feyenoord. En uiteraard heeft Romijn nog een paar mooie anekdotes voor ons uit de oude voetbaldoos.

Je bent gekomen tot één schamele wedstrijd bij Feyenoord. Hoe kwam dat? ‘Kijk, ik ben iemand die graag vooruit kijkt. Ik ben niet iemand die veel terugkijkt. Naar reünies ga ik bijvoorbeeld ook niet. Maar het enige waar ik spijt van heb in mijn leven, is dat ik te vroeg ben vertrokken bij Feyenoord. Ik heb totaal maar een kleine drie maanden echt bij de club gezeten. Eerst vertrok ik op huurbasis naar FC Groningen in 1978 en het jaar later werd ik verkocht aan FC Den Bosch. Daardoor heb ik in augustus 1978 alleen uit tegen Sparta voor Feyenoord gespeeld.’

Waarom vertrok je bij Feyenoord? ‘Dat lag aan verschillende factoren. Peter Houtman werd in het seizoen 1978/1979 als eerste spits teruggehaald van FC Groningen. Ik kwam op het tweede plan terecht als centrumspits. Trainer Václav Jezek zei ook dat het beter was voor een jonge speler om veel te spelen. Ik was destijds 19 jaar. En tenslotte wilde eerstedivisionist FC Groningen mij graag hebben. Ze deden daar ook veel moeite voor. Daar zit trouwens nog een mooi verhaal aan vast.’

Vertel ‘Een zware delegatie van FC Groningen was voor niets naar Strijen gegaan. Voorzitter Renze de Vries, trainer Theo Verlangen en scout Piet Franssen wilden mij bekijken. Wij moesten daar spelen met het C-elftal. Het C-elftal was het tweede team van Feyenoord. Uit dit team werden spelers gebruikt als spelers uit het eerste team te kampen hadden met schorsingen, blessures of vormverlies. Maar Hans Westerhof was daar mijn trainer en hij wilde mij graag behouden. Westerhof had niet aan mij doorgegeven dat wij daar moesten spelen en dus was ik afwezig. Uiteindelijk vond de delegatie uit Groningen mij wel via allerlei omzwervingen en we spraken af dat ik een dag later een proefwedstrijd ging spelen. Tijdens die wedstrijd veranderde alles in goud wat ik aanraakte. Ik scoorde vier keer!’

Dus je vertrok op huurbasis naar FC Groningen. Waarom had je daar spijt van? ‘Aan FC Groningen lag het niet. Je werd daar goed opgevangen en ik speelde elke wedstrijd. Maar ik had bij Feyenoord zoveel meer kunnen leren. Ik was ook maar nog net binnen bij Feyenoord. En ik was ook nog eens een Feyenoord-fan. Tegenwoordig zit je al vanaf je achtste bij een profclub,. Maar vroeger was het normaal dat je bijvoorbeeld pas vanaf je zestiende als regionaal talent verkaste naar een betaalde voetbalclub.’

Wat kon je meer leren in Rotterdam? ‘Ik voelde mijzelf groeien op het trainingsveld naast De Kuip. Ik kwam ook net van mijn amateurclub SVW in Gorkum. Alles ging veel sneller bij Feyenoord. Het niveau lag veel hoger dan ik gewend was. Ik trok mij daar aan op en ik weet ook nog goed dat ik voor het eerst de kleedkamer binnenkwam. De grote Wim Jansen zei ik dat naast hem moest komen zitten en wees een plek aan. Hij vertelde mij: “Mond houden. Gewoon kijken en leren.” Dat had ik moeten doen als jong broekie. Alleen vertrok ik al na ruim twee maanden bij Feyenoord. ‘

Meer op www.kuipbewoner.nl