Klupp-held van de Week: Arie Heijstek (DFC)

Klupp-held van de Week: Arie Heijstek (DFC)

ROTTERDAM – De Klupp-held is iemand die door zijn vereniging is genomineerd vanwege zijn verdienste voor de vereniging. Iemand die in de schaduw feitelijk onvervangbaar is. De lijntrekker, schoonmaker, keukenhulp, barpersoneel, wasvrouw, materiaalman, vlagger, lid van de werkploeg of jeugdleider. Iemand die bereid is om zijn of haar tijd op te offeren in het belang van anderen. Iemand die nooit klaagt, niet om aandacht vraagt en bij nacht en ontij klaar staat. Iemand die het verdient om eens een schouderklopje te krijgen of door het Barendrechtse sportmerk Klupp sportswear in de schijnwerpers te worden gezet.

Arie Heijstek is 72 jaar maar vecht voor de toekomst van zijn DFC met de verbetenheid en fanatisme van een 21-jarige. Volgens Pim Blokland zijn mensen al hij onbetaalbaar voor het amateurvoetbal. “Natuurlijk, kan je zeggen dat er nieuw bloed moet komen, maar er zijn altijd mensen met historisch besef nodig om processen op gang te brengen. Heijstek woont in Bergen op Zoom maar heeft de banden met Dordrecht en DFC eigenlijk alleen nog maar verder aangehaald. Ik ben wekelijk meer en meer onder de indruk wat er voor clubs door mensen wordt gedaan. Daar moeten we als voetballand zuinig op zijn. Heijstek knikt. “Ik ben zestig jaar lid van deze club. Let wel, de op vier na oudste vereniging van ons land. DFC is niet zo maar een voetbalclub, dat is voetbalhistorie. Dat vergeten mensen wel eens, maar dat is echt uniek. Toen vorig jaar de eerste geruchten gingen over opheffen of fuseren, heb ik mij direct geroerd. “Als dat het geval is, heb ik toen gezegd, ga ik er persoonlijk voor liggen.” Voormalig FC Dordrecht-voorzitter Ad Heijsman en trainer Danny Slegers knikken instemmend. Ook Heijsman is als oud voorzitter van DFC volgens zichzelf genetisch verplicht om de club te redden. “We hebben onlangs weer twintig kleine F-jeugd kunnen inschrijven, dus de nieuwe generatie is al door de poort naar binnen. Verder doe ik wat ik kan. Ik ben geen bestuurslid, maar bemoei mij in commercieel opzicht met de vereniging. Betalen deden we niet, doen we niet en gaan we niet doen, maar we kunnen wel zorgen dat het voor spelers aantrekkelijk wordt om voor DFC te gaan of blijven spelen, omdat we het in de randvoorwaarden zoeken. Bijvoorbeeld door een trainingskamp naar Spanje. Daar wordt nu hard aan gewerkt en het schijnt dat Klupp Trainingskampen een prima locatie in Fuengirola heeft. We moeten maar eens kijken of we daar nog een ouwe sok voor weten te vinden om dat te bekostigen.”

De rest van het verhaal over de redding van de Dordtse vierdeklasser van de ondergang is door Heijstek, nadat Heijsman en Slegers afscheid heeft genomen, vrij snel verteld. Drie dagen voor de buitengewone algemene ledenvergadering werd Heijstek gepolst voor de post van voorzitter. “Daar moest ik precies drie seconden over nadenken. Ik laat DFC niet zo maar verdwijnen. Deze club is weliswaar afgedaald naar de vierde klasse, maar behoort tot de founders van het Nederlandse voetbal. Die mag niet zo maar verdwijnen. Mijn vrouw heeft mij vorige zomer nog wel gevraagd of ik daar nog echt aan moest beginnen. Maar dat was geen discussie. Maar ik snap haar wel. Ik ben ook archivaris van DFC. Ik beheer 110 duizend foto’s en documenten over het verleden van de club. Het grootste archief van ons land. Dat kost ook al heel veel tijd. Logisch dat mevrouw zich afvroeg of ik dan ook nog voorzitter moest worden. Maar ik laat de club nu eenmaal niet ten onder gaan.”

Heijstek praat met vuur over een toekomst van de club alsof DFC onlangs is opgericht. “Ik heb de toptijd van de vereniging nog meegemaakt. 1200 leden en wedstrijden tegen Ajax en Feyenoord. Vlak na de winterstop moest ik naar Polsbroek voor de wedstrijd tegen SPV’81. En bij Hermandad in Rotterdam was ik ook nog nooit geweest. Begrijp mij goed, het hoort bij de status van het eerste elftal. Het derde, vierde en vijfde elftal worden dit seizoen kampioen, maar alle ogen zijn toch gericht op de selectie. De vierde klasse West II is al veel beter dan Zuid I. Dat waren vorig seizoen alleen maar wedstrijden tegen bierelftallen in Brabant. Vreselijk. DFC moet weer omhoog. Uitstraling krijgen en daardoor jonge leden trekken, want ook dat is een punt van aandacht binnen het bestuur. We hebben 500 leden, dus daar hoeven we ons geen zorgen over te maken, maar we hebben geen F-jeugd. We moeten iets aan publiciteit gaan doen om jonge nieuwe leden te werven. Maar ook dat werkt vandaag de dag toch allemaal anders dan vroeger.”

Heijstek zou het liefst een paar goede spelers aan de selectie van trainer Danny Slegers toevoegen, maar niet door met de geldbuidel te gaan rammelen. “Ben je gek, we hebben een paar spelers nodig die het elftal kunnen dragen. Geld hebben we nodig voor andere dingen. De kantine is pas geverfd, van binnen weer opgeknapt. En het dak is gerepareerd. Dat kostte 12 duizend euro. Serieus geld, maar het moest gebeuren. Het gaat beter met DFC, maar een voorzitter kent helaas ook beperkingen. Als je een bedrijf runt, kan je zaken per dag wijzigen of veranderen. Bij een vereniging moet je tot einde van het seizoen in mei en juni wachten om aanpassingen te doen. Inderdaad, dat gaat mij niet snel genoeg. Maar het kan even niet anders. DFC is 130 jaar oud, niet opgeheven of gefuseerd.”

Volgens de DFC-preses moet er nu weer verder worden gebouwd aan een nieuwe toekomst. “De club is oud, maar niet versleten. We moeten zuinig zijn op het Dordtse hoofdstuk van de vaderlandse voetbalgeschiedenis. Dus jonge leden werven en proberen met het eerste elftal weer uit de vierde klasse te komen, zodat de club weer iets van de glans van vroeger terug krijgt. Ondertussen blijf ik op zaterdag naar clubs rijden waar ik werkelijk waar in al die zestig jaar lidmaatschap nog nooit was geweest. Met alle achtig, maar daar moeten we snel vanaf. DFC moet weer bouwen aan de status van een tweedeklasser. Op dat niveau hoort de club thuis.”

 

 

Lees meer over club: DFC
Lees meer over de spelers: